In de rundveevoeding zijn wij als dierenarts een belangrijk aanspreekpunt, waarbij de relatie die er is tussen voeding en stofwisselingsziekten veelal een reden zal zijn om het rantsoen of mineralenmanagement ter discussie te stellen. Enkel een optimale voeding kan maximale gezondheid en rendement (groei, productie, vruchtbaarheid) geven. Het is dan ook één van de belangrijkste factoren in een succesvolle bedrijfsvoering.
Belangrijke bestanddelen in de rundveevoeding waarin allereerst in voorzien moet zijn :
water ( behoefte: 20 tot 140 liter / dag; nodig voor vertering, metabolisme, excretie, oplossen van voedingsstoffen, transport van nutriënten en afvalstoffen in het lichaam, regeling van de lichaamstemperatuur, groei, voortplanting,, melkgift, enz...Moet steeds ter beschikking zijn en van goede chemische en biologische kwaliteit. Houdt rekening met dominant gedrag van koeien, waardoor een vermindering van beschikbare drinkbaklengte ontstaat.
energie (suikers, zetmeel,) voor onderhoud van de lichaamsfuncties en de energie voor arbeid, groei, lactatie, en reproductie.
eiwit ( proteïnen ) voor de opbouw van de weefsels, metabolisme, groei, productie (melk), voortplanting
mineralen
- macromineralen: Calcium , Fosfor , Magnesium , Kalium , Natrium , Chloor , Zwavel
- sporenelementen: IJzer, Cobalt, Koper, Mangaan, Zink, Jodium, Selenium.
vitaminen: A, B, C, D, E
lucht (stalklimaat en ventilatie hebben invloed op luchtkwaliteit: zuurstof en CO2 uitwisseling). Zorg voor voldoende volume en luchtsnelheid in de stal.
Pensflora:
Herkauwers leven in symbiose met hun pensflora. Zonder flora kan de koe niet overleven! Deze micro-organismen: bacteriën en eencellige (protozoa)“verteren” de planten en zorgen door hun eigen aangroei voor microbieel (dierlijk) eiwit en vitaminen. Het pensvocht bevat 100 miljoen tot 100 miljard bacteriën en 100.000 tot 1 miljoen protozoa per milliliter! In gunstige omstandigheden vermenigvuldigt (deelt) een bacterie zich om de 20 à 40 minuten! Dit betekent dat bij een optimale voeding en continue pensfermentatie de bacteriële inhoud van de pens zich om het half uur kan verdubbelen.Het microbieel (dierlijk) eiwit is voor het rund een bron van hoogwaardig eiwit, met ondermeer een belangrijke aanvoer van essentiële aminozuren.
De pensflora bevindt zich evenwel steeds in labiel evenwicht. De optimale pH of zuurtegraad voor de pensflora bedraagt 6 à 7. Deze pH heeft onder invloed van de fermentatie van verschillende voedingsstoffen de neiging om te gaan schommelen;
Structuur -of vezelrijke voeding is noodzakelijk als substraat voor de pensflora, maar vooral om de pH constant te houden. Door het fermentatieproces verzuurt de pensinhoud. Runderspeeksel bevat bicarbonaat, dat de pensverzuring tegengaat.
Kauwen en herkauwen van structuurrijk voeder zorgt voor voldoende speekselvorming. ( 60 liter /dag).
Structuurrijk voeder zorgt ook voor een goede pensvulling. Hoe groter het pensvolume, hoe groter de bacteriële inhoud. Hoe beter en sneller de fermentatie kan verlopen, hoe groter de productie van microbieel eiwit.
Structuurgebrek in het rantsoen kan ernstige gevolgen hebben
-Toestand van subacute acidose (SARA) ( te lage pH ) die de verteerbaarheid kan remmen. (vooral deze van de ruwe celstof)
-Slechte vertering. ( merkbaar aan de mest)
-Proteolytische (eiwitsplitsende) activiteit is gedaald. Eventueel onvoldoende OEB
-Daling van het melkvetgehalte en de melkproductie.
Gezondheidsstoornissen zoals acidose, lebmaagverplaatsing, penswand- beschadiging, tympanie, diarree, kreupelheid en vruchtbaarheidsstoornissen gaan optreden.
Energierijke voeders (zetmeel, suikers) veroorzaken door de sterke fermentatie (melkzuurvorming) een daling van de zuurtegraad of pH. Bij een te sterke pH-daling kunnen verteringsproblemen optreden. De concentratie en het verterende vermogen van de pensflora zijn sterk verminderd. Bij een pH 5 of lager worden de protozoa, de cellulose- en lactaatverwerkende organismen vernietigd. De gram bacteriën en lactobacillen nemen massaal toe. De penswand verbrandt.
Eiwitrijk voer in overmaat, doet de pH stijgen. Een deel van de eiwitten worden in de pens afgebroken tot NH3 of ammoniak, waardoor de optimale pH van 6 - 7 overschreden wordt. Gevolg: slappe mest, onrust, overbelasting van lever en nieren.
Ook met bronnen van nonprotein (NPN) stikstof ( vb.ureum) moet voorzichtig omgesprongen worden.
Dosis van 0,3 à 0,5g / kg LG zijn schadelijk, 1-1,5g / kg LG is lethaal.
Wat zijn de voorwaarden voor een optimale en evenwichtige voeding?
Ten eerste: Alle elementen die noodzakelijk zijn voor het metabolisme, moeten (bijna) gelijktijdig in het voer aanwezig zijn . ( =succes mengvoerwagen) .Aangezien energierijk voer de pH doet dalen en eiwitrijk voeder de pH doet stijgen, ligt het voor de hand dat men beide componenten gelijktijdig voert. Niet alleen compenseren zij elkaars pH invloed, indien ze beide gelijktijdig in de pens aanwezig zijn kan het metabolisme optimaal verlopen. De pensflora heeft energie (suikers, zetmeel) nodig om eiwit, stikstofderivaten of cellulose te kunnen verwerken.
Ten tweede: De voederbestanddelen moeten in de juiste verhouding en hoeveelheid gegeven worden volgens de behoefte of op de norm. Natuurlijk is een juist samengesteld rantsoen belangrijk om van uit te gaan, maar van groter belang is een controle op wat de koeien werkelijk gevreten hebben. Hiervoor is weging van het restant voer noodzakelijk.
Ten derde: Er moet een regelmatige aanvoer zijn om het fermentatieproces en de aangroei van microbieel eiwit continu te laten verlopen.De pens mag niet leeg komen.( Een fabriek heeft met een 3-ploegenstelsel ook een hogere productie dan met één enkele dagploeg)
In de zomer op de weide zorgt de koe daar meestal zelf voor, echter maar al te vaak komt het voor dat een koe in de weide door weersomstandigheden of grasaanbod onvoldoende ruwvoer opneemt. Een ander aandachtspunt bij beweiding is het eenzijdige voeraanbod gedurende een groot deel van de dag, hierdoor komt punt 1 in het geding. Op stal heeft hoogproductief melkvee doorgaans continu een stabiel rantsoen ter beschikking.
Jongvee en droogstaande koeien minstens tweemaal daags gerantsoeneerd voederen (‘s morgens en s’avonds), met in de tussenperiode structuurvoer. Dit is goede kwaliteit stro of graszaadhooi: (vuistregel: indien goed stro tijdens de dag niet opgenomen wordt, voert U teveel! ). Stro verstrekken aan het hek. Stro in de box wordt niet meer opgenomen zodra de geur van de mest er in zit.