Inloggen   Registreren     Dierenartsenpraktijk Deurne 

Paarden algemeenAfdrukken  
Onze erkende paardendierenartsen zijn werkzaam in de all-round eerstelijns paardendiergeneeskunde. Sandra de Vreede is tevens de vaste dierenarts van NHB Deurne.  Ad van der Steen is onze tweede paardendierenarts.

Wat hebben wij u te bieden?

  • Vaccinaties
  • Chippen
  • Begeleiding voortplanting merrie
  • Klinische keuring
  • Gebitsbehandeling
  • Kreupelheidonderzoek
  • Castratie hengst
  • FEI-paspoort intekenen
  • Bloedonderzoek

En uiteraard onderzoek en behandeling van het zieke paard.

Voor vragen en afspraken kunt u het beste tijdens werkdagen ’s ochtends tussen 8.30 en 9.00 uur bellen.
U kunt dan vragen naar een paardendierenarts. Zijn deze niet aanwezig?
Dan wordt u op een later tijdstip teruggebeld.

Voor spoedgevallen zijn we 24 uur per dag bereikbaar onder hetzelfde telefoonnummer.

Buiten reguliere werktijden wordt u doorgeschakeld naar een professionele telefooncentrale, die voor u de dienstdoende dierenarts oproept.

 

Doorverwijzing:

Voor nader onderzoek zoals röntgenonderzoek, echografisch of endoscopisch onderzoek sturen wij u door naar een andere tweedelijns kliniek die u verkiest.

De patiëntrapportages worden doorgestuurd of in spoedgevallen krijgt u deze direct mee.
Meestal heeft onze dierenarts vooraf telefonisch overleg met de dierenarts waar zij / hij naar toe doorverwijst.

Net als u ontvangen wij na ontslag uit de kliniek een patiëntrapportage van de tweedelijnskliniek retour. Op deze wijze kunnen wij de (na)behandeling weer naadloos overnemen. 

 

Cliëntregistratie

Uw gegevens en de gegevens van uw paard(en) worden opgeslagen in onze computer.

Voor uw gemak herrineren wij u tijdig aan de (verplichte) vaccinaties middels een kaartje.

Tevens ontvangt u enkele malen per jaar de nieuwsbrief paard met actuele informatie en aanbiedingen. Al onze geregistreerde paardenklanten ontvangen ook jaarlijks een uitnodiging voor het bijwonen van een informatieve avond.

Ontvangt u de herinnering en/of de nieuwsbrief liever digitaal, dan kunt u ons dit laten weten middels het contactformulier bovenaan deze pagina.

Informatie over onderzoek en behandeling van uw paard(en), zoals vermeld op de bij het bezoek geschreven visitebrief wordt ook overgenomen in de computer. Deze informatie kan gebruikt worden in geval van doorverwijzing naar een tweedelijns kliniek of voor eventuele declaraties bij uw paardenverzekeraar.

Uiteraard zijn op de bij ons bekende gegevens de wettelijke regels omtrent bescherming van privacy van toepassing.

 

Wettelijke regels chip en paspoort

Bij een stamboek of sportorganisatie ingeschreven paarden: 

  • Moeten per 1 januari 2005 een paspoort en een chip hebben om ze te mogen houden en te mogen vervoeren.
  • Ieder veulen dat geboren wordt moet binnen 7 maanden een paspoort en een chip krijgen.

 

Paarden voor hobby en recreatie: 

  • Moeten bij vervoer in trailer of veewagen over de openbare weg, een paspoort hebben.
  • Paarden bestemd voor de slacht of voor de export moeten per 1 januari 2005 een paspoort en een chip hebben.
  • Ieder veulen dat geboren wordt moet binnen 7 maanden een paspoort en een chip krijgen en de merrie ook als het nog geen paspoort of chip heeft.
  • Ieder paard dat behandeld wordt met medicijnen waardoor de bestemming voor menselijke consumptie niet meer is toegestaan, moet een paspoort en een chip krijgen.
  • Vanaf 31 december 2006 geldt: alle paarden die in Nederland gehouden en vervoerd worden, moeten een paspoort en een chip hebben.

 

Door wie worden de paspoorten uitgegeven ?

Zo’n dertigtal stamboeken, rasverenigingen en sportorganisaties zijn aangewezen als erkende paspoortuitgevende instanties. Zij maken de paspoorten aan en beheren alle gegevens.

Uw dierenarts weet precies bij welke instantie u moet zijn voor uw paarden.

Dierenartsenpraktijk Deurne verleent bij het inbrengen van een chip de service al het benodigde papierwerk voor u in te sturen naar het juiste adres.

TIP: Het is verstandig, wanneer u een paspoort aanvraagt, uw paard of pony meteen te laten chippen. Doet u dit later, dan betaalt u hoge kosten voor het wijzigen van het paspoort.

 

Het chippen

U kunt uw paard of pony laten chippen door een paspoortconsulent of uw dierenarts.

Op de linkerhalsvlakte wordt een klein vierkantje geschoren en gedesinfecteerd. In de halsspieren wordt met een naald een microtransponder (‘chip’) ingebracht. Deze chip bevat een uniek nummer (inclusief een landencode) die wordt gekoppeld aan het signalement van het paard. Het gechipte paard is gedurende de rest van zijn leven te herkennen aan dit nummer. Met speciale chipreaders is het nummer te allen tijde te controleren.

Vaccinaties

Influenza

De aandoening:

Influenza ofwel paardengriep is een virusinfectie die gemakkelijk via de lucht van paard op paard kan worden overgebracht. Het kan neusuitvloeiing, eetlustdaling en koorts veroorzaken. In ernstige gevallen kan het longontsteking en zelfs de dood tot gevolg hebben. 

De regels:

Sinds jaar en dag is het in Nederland verplicht alle paarden die in de sport uitkomen minimaal 1 maal per jaar te laten vaccineren tegen influenza. Een basisvaccinatie moet aantoonbaar zijn uitgevoerd. Paarden die op internationaal niveau uitkomen moeten tweemaal per jaar worden gevaccineerd. Voor evenementen en keuringen gelden meestal dezelfde regels als voor wedstrijden. 

TIP: Let op het tijdig laten vaccineren van uw paard. Er wordt tegenwoordig streng

gecontroleerd! Bent u te laat dan moet een nieuwe basisvaccinatie laten uitvoeren.

 

Het vaccinatieschema:

        Veulens moeten vanaf  6 maanden leeftijd worden gevaccineerd.

        De basisvaccinatie bestaat uit 2 entingen met 4 weken tussentijd.

        Na een half jaar een herhalingsvaccinatie.

        Vervolgens jaarlijks of halfjaarlijkse herhaling.

 

De vaccins:

Dierenartsenpraktijk Deurne gebruikt voor de bescherming tegen influenza de vaccins van Intervet. Deze firma staat sinds lange tijd bekend om haar hoogkwalitatieve en veilige vaccins.

U heeft de keuze uit twee verschillende vaccins:

  • Een combinatie van influenza en tetanus: equilis equenza T
  • Een combinatie van influenza en rhinopneumonie: equilis resequin

Tetanus

De aandoening:

Tetanus wordt veroorzaakt door een bacterie die zich overal in onze omgeving bevindt.

Deze bacterie, Clostridium Tetani, produceert een gifstof die het zenuwstelsel kan aantasten.

Het veroorzaakt ernstige spierstijfheid die snel kan verergeren. Dergelijke patiënten kunnen niet meer overeind komen en moeten in veel gevallen ingeslapen worden.

De bacterie kan het paard binnenkomen door een diepe (steek)verwonding.

 

Het vaccinatieschema:

Wordt uw paard (half)jaarlijks gevaccineerd met equilis equenza T, dan is uw paard  automatisch voldoende beschermd tegen tetanus.

Wordt uw paard halfjaarlijks gevaccineerd met equilis resequin, dan moet er elke twee jaar een aparte tetanusvaccinatie worden toegediend. U ontvangt hiervoor van ons een herinnering.

 Afdrukken  

Luchtwegproblemen

Omdat paarden van nature echte buitendieren zijn kunnen ze in onze huisvestingsomstandigheden problemen met de luchtwegen krijgen. Een voorbeeld daarvan is chronische bronchitis. Chronische bronchitis is een zeer veel voorkomende kwaal bij paarden over de hele wereld. Bij de ontwikkeling van het ziektebeeld spelen verschillende factoren een rol. In het algemeen begint de ziekte met een aandoening van de voorste luchtwegen op basis van een virusinfectie. Hierbij kunnen in een later stadium eventueel ook bacteriën mee gaan doen. Veel paarden ontwikkelen in dit stadium een soort overgevoeligheid voor stof. Met name stof uit hooi en stro speelt hierbij een rol. Hoe de overgevoeligheid zich ontwikkelt en hoe deze te voorkomen is, is onvoldoende bekend. Als de klachten al wat langer bestaan wordt de bronchitis in stand gehouden door de overgevoeligheid en spelen ziekteverwekkers geen rol van betekenis meer. Voor chronische bronchitis geldt dat de ziekte altijd aanwezig blijft maar dat de mate waarin het paard er last van heeft, sterk afhankelijk is van een aantal maatregelen. Als de neerwaartse spiraal niet doorbroken wordt zal de bronchitis in ernst toenemen. De luchtwegen kunnen "verkrampt" raken en in het ergste geval verliezen de longen hun elasticiteit en kunnen de longblaasjes knappen (het paard wordt dan op den duur dampig).

Aangezien stof een sleutelrol in dit verhaal speelt is het van cruciaal belang het contact met stof van hooi en stro te minimaliseren. Dit betekent:

- Zoveel mogelijk weidegang, als het weer het toelaat dag en nacht.
- In de stalperiode liefst een buitenbox met een bovendeur die zo vaak mogelijk
openstaat. Tocht moet zoveel mogelijk voorkomen worden.
- Als weidegang niet mogelijk is, is een open stal met aansluitend een kleine
paddock een goed alternatief.
- Nooit de box opstrooien als het paard erin staat.
- Stro in de box vervangen door houtkrullen.
- Het beste is het hooi te vervangen door kuilvoer.
- Als toch hooi gevoerd wordt het hooi voor het voeren kletsnat maken en een
paar uur laten weken.
- Hooi nooit uit een ruif of hooinet voeren.
- Liefst geen hooi- of stro opslag naast of boven de paardenstallen.
De longen van het paard zijn aan de buitenkant moeilijk te onderzoeken. Om meer te weten te komen kan een bronchoscopie gedaan worden. Hierbij wordt met een flexibele camera in de luchtwegen gekeken. Daarnaast kan ook de longdruk gemeten worden en kunnen spoelsels van oppervlakkig of diep uit de longen genomen worden. Deze kunnen microscopisch onderzocht worden op ontstekingscellen of op kweek worden gezet.

Naast behandeling met medicijnen (bijv. Ventipulmin, Prednisolon, slijmverdun-ners) is de omgeving van het paard erg belangrijk. Als de huisvesting en voeding niet optimaal zijn en het paard in een stofrijke omgeving staat geeft behandeling onvoldoende effect.

Luchtwegproblemen zijn vaak erg hardnekkig. Met een adequate behandeling en een zo goed mogelijk stalklimaat is behandeling vaak wel succesvol. Paarden met luchtwegproblemen hoeven in principe niet op rust te staan: beweging is goed om de longen goed schoon te krijgen. Belangrijk is om het paard niet te zwaar te belasten en om het paard na afloop goed uit te stappen. Na een acute virale luchtweginfectie is het wel verstandig om het paard minimaal een week op rust te zetten. Hierdoor wordt de kans op een chronische bronchitis duidelijk verkleind.

Gebitsproblemen

Gebitsverzorging bij het paard heeft lange tijd weinig aandacht gehad. Mensen gaan elk half jaar naar de tandarts, terwijl dit voor veel paarden ook van belang zou zijn. Veel problemen komen voort uit een afwijkend gebit: denk hierbij aan rijtechnische problemen, halspijnlijkheid, vermagering en overgevoeligheid voor koliek. Het paardengebit is ontstaan door miljoenen jaren van evolutie, het gebit is gemaakt om de hele dag te grazen. De snijtanden snijden het gras en de kiezen kauwen en vermalen het gras. Vooral omdat onze moderne huisvesting en voeding het paard vaak niet de kans geven het gebit de hele dag te gebruiken is een goede gebitsverzorging noodzakelijk!

Hoe zie ik dat mijn paard een gebitsprobleem heeft?
- Het paard eet langzaam en heeft met name voor het hooi meer tijd nodig
- Het paard maakt proppen met eten (doordat het paard niet goed kan kauwen,
wordt het hooi in proppen weer uitgespuwd).
- Het paard vermagert
- Het paard schudt met het hoofd tijdens het eten
- Het paard schudt het hoofd tijdens het rijden
- Het paard wil niet in verzameling, heeft moeite met stelling nemen
- Het paard stinkt uit de mond of heeft stinkende neusuitvloeiing

Wat kunnen wij doen aan het gebit van uw paard?
- Controle van het wisselen van snijtanden en kiezen, doppen (restanten van
gewisselde kiezen die niet goed zijn uitgevallen) verwijderen
- Haken aan de kiezen verwijderen
- Afwijkingen zoals een trapvormig of golfvormig gebit corrigeren
- Gebroken kiezen verwijderen
- Kiezen met een wortelpuntontsteking verwijderen
- Tandsteen verwijderen
- Wolfskiezen verwijderen
Veel werk aan het gebit van uw paard kan gewoon thuis gebeuren. Problemen zoals gebroken kiezen of ontstoken wortelpunten moeten onder algehele narcose behandeld worden. Dit kan bij ons op de kliniek, het paard blijft dan bij ons op stal totdat thuis nabehandeld kan worden.

Hoe vaak het gebit gecontroleerd moet worden, is voor elk paard verschillend. Sommige paarden krijgen al op jonge leeftijd gebitsproblemen, terwijl andere paarden nooit last zullen krijgen. Het is verstandig om jaarlijks, bijvoorbeeld bij de vaccinatie, het gebit te laten controleren. Zo kan voor ieder paard een optimale behandelfrequentie gekozen worden!

Koliek

Koliek is een van de meest voorkomende ziekten bij het paard. Het is een verzamelnaam voor een groot aantal problemen die in het maagdarmkanaal van het paard kunnen optreden. De ernst van deze aandoeningen varieert van relatief onschuldig tot acuut levensbedreigend. Omdat de heftigheid van de koliek niet altijd overeenkomt met de ernst van de afwijking is het raadzaam om altijd contact met de dierenarts op te nemen. Als de diagnose gesteld is kan een behandeling gestart worden. Om de kans op terugkomen van het probleem zo klein mogelijk te maken is de nazorg van uw paard echter minstens zo belangrijk. Daarnaast is een adequaat ontwormingsbeleid ook onmisbaar. Dit betekent elke 2 maanden ontwormen met een goede ontwormer en de weide zoveel mogelijk mestvrij houden!

Het paard is van nature een buitendier en heeft dus ook behoefte aan beweging. Beweging stimuleert de darmmotoriek, zo zien we nogal eens verstoppingen bij paarden die (al dan niet verplicht) op rust staan. Ideaal is dus dat het paard dagelijks buiten komt en dagelijks beweging krijgt. Laat uw paard niet op te schrale weiden lopen, hierdoor ontstaat een risico op zand eten. Als u hooi bijvoert in de wei, doe dit dan ook niet op het zand of korte gras, maar op een betegeld stuk. Probeer grote veranderingen in het aanbod van het gras te voorkomen: niet van een schrale in een keer naar een erg vette wei. Hierdoor wordt de kans op gaskoliek verkleind. Niet alleen in het voorjaar maar vaak ook in het najaar kan het gras erg hard groeien. Als uw paard veel stro eet op stal is het raadzaam het paard eventueel op krullen te stallen. Ook het eten van veel stro kan namelijk tot verstoppingen leiden.

Probeer grote wisselingen in het voeraanbod te voorkomen. Dit betekent zoveel mogelijk vaste tijden en vaste hoeveelheden. Als uw paard koliek heeft gehad heeft het meestal een paar dagen niet gegeten, het is dan van belang om het rantsoen weer rustig op te bouwen naar het oude niveau. Met name het krachtvoer langzaam opbouwen. Om de darmmotoriek te stimuleren en de passage te vergemakkelijken voeren wij de paarden met koliek slobber bij met lijnzaad en zemelen. Er is niets op tegen om in de winterperiode de paarden preventief 1-2 keer in de week slobber te voeren.

 

Kreupelheden

Kreupelheden ‘behandelen’ door langdurige rustperiodes of met symptoombestrijding (bijvoorbeeld wervels ‘rechtzetten’of pijnstillende middelen op kruidenbasis) leidt helaas meestal tot teleurstellende resultaten.

Indien uw paard reeds langer kreupel loopt of als er sprake is van een wisselend beeld, is het verstandiger om een afspraak te maken voor een onderzoek.

Op basis van deze uitkomst kunnen wij een gerichte behandeling voorstellen en een inschatting maken wat de herstelkansen zijn.

 

Rugproblemen

Rugproblemen bij het paard of de pony die ook echt zijn ontstaan in de rug komen hoogst zelden voor. We noemen dat de primaire rugproblemen.

Voorbeelden van primaire rugproblemen zijn:

  • directe inwerking van buitenaf waardoor breuken, kneuzingen, verscheuringen in de rug kunnen ontstaan;
  • Kissing Spine waarbij de doornuitsteeksels van de rugwervels zo dicht bijeen zitten dat er op een punt irritatie ontstaat;
  • irritatie en verscheuring in de buurt van de verbinding tussen wervelkolom en bekken.

Van secundaire rugproblemen is sprake wanneer het rugprobleem het gevolg is van een andere blessure van het paard of de pony dan de rug. In het bijzonder kreupelheden in de voor- en achterhand vormen een belangrijke oorzaak in het ontstaan van secundaire rugproblemen. Dat is ook wel logisch omdat het paard het kreupele been probeert te ontlasten en dit kan uitsluitend door een min of meer geforceerd en onevenredig ruggebruik.

Samenvattend kan gesteld worden dat rugklachten van een paard hoogst zelden het gevolg zijn van een waar rugprobleem. Secundaire rugproblemen worden echter veel meer waargenomen en door de ruiter gevoeld. Vaak ontstaan deze problemen als gevolg van een oorzaak elders in het lichaam. Wanneer deze oorzaak wordt weggenomen zal het secundaire rugprobleem ook verdwijnen. Bij paarden met rugklachten is het daarom verstandig om een uitgebreid kreupelheidonderzoek te laten verrichten.

Paarden nieuws
   LocatieGezelschapsdierenPaardenRundveeSchaapGeitVarkensSitemapNieuwsbriefarchief
Copyright 2008 Dierenartsenpraktijk Deurne   Privacybeleid